Kerkliedwiki bundels.png
Wie ons steunt met € 10,- krijgt een leuk aandenken: de unieke Ubi-cari-tas
info@kerkmuzieknetwerk.nl
Kerkliedwiki bundels.png Kerkliedwiki verzorgt een wekelijkse podcast: Luistertroost! Onze alternatieve omgang met het kerklied, nu samen zingen in de kerk niet kan. Zo houden we de lofzang en de troost van liederen gaande.

Wil je ons werk steunen? Hier vind je meer over doneren of koop onze unieke Ubi-cari-tas. Meer weten of vragen over Kerkliedwiki? info@kerkmuzieknetwerk.nl

Wie heeft op aard de prediking gehoord

Uit Kerkliedwiki
Ga naar: navigatie, zoeken
Dit lied is te vinden in de volgende veelgebruikte liedbundel(s):
Liedboek voor de kerken Gezang 179
Mogelijk staat het ook in andere liedbundels. Kijk hiervoor in de infobox rechts, onder het kopje 'Liedbundels'.
Wie heeft op aard de prediking gehoord
Lijdenspsalm
Deel van Vier Psalmen
Vorm Strofelied
Herkomst
Taal Nederlands
Land Nederland
Periode 1846
Tekst
Dichter Nicolaas Beets
Bijbelplaats Jesaja 53
Johannes 1:14
Filippenzen 2:10
Johannes 18:11
Johannes 19:30
Johannes 20:11
Hebreeën 9:28
Johannes 19:30
Metrisch 10-10-10-5-11-4-7-11-4
Muziek
Componist Johannes Gijsbertus Bastiaans
Melodie Wie heeft op aard de prediking gehoord
Solmisatie 3-3-2-1-3-4-6-5-4-3
Gebruik
Kerkelijk jaar Goede Vrijdag
Liedbundels
Liedboek voor de kerken Gezang 179
Gezangboek EBG 167
Gezangboek der ELK 63
Hervormde Bundel 1938 35
119 Gezangen 31
Nicolaas Beets (1814-1903) schreef het lied Wie heeft op aard de prediking gehoord in 1846 als onderdeel van zijn Vier Psalmen, waarschijnlijk met Psalm 22 (melodie) in gedachten. Voor de Vervolgbundel op de Evangelische Gezangen kreeg het een melodie van Johannes Gijsbertus Bastiaans (1812-1875), maar het kan nog steeds op de melodie van Psalm 22 gezongen worden.

Opname beluisteren

Tekst

origineel Vervolgbundel (232)

1 Wie heeft op aard de prediking gehoord,
De prediking van ’t vleeschgeworden Woord,
Den Zoon van God, op Golgotha vermoord?
Wie durft gelooven?
Wie ziet in Hem Gods reddend’ arm, van Boven
Tot ons gestrekt?
Wie durft zijn kruis belijden?
Wiens hart zich in den Lijdenden verblijden,
Met smaad bedekt?

2 Een rijsje, dat zoo woest een storm bewoog,
Een wortel uit de aarde dor en droog,
Had geen gedaante of schoonheid in ons oog.
Als wij hem zagen,
Zoo was daar niets dat oogen kon behagen;
Hij was veracht,
De onwaardigste der menschen:
Wie durft zich Hem tot Zaligmaker wenschen?
Hij was veracht.

3 O Man van smart, dat ieder voor u kniel!
Gij droegt aldus de krankheid onzer ziel;
’t Was onze smart, die op uw schedel viel;
Ons overtreden
Heeft u verwond; om de ongerechtigheden,
Door ons begaan,
Zijt ge in dit leed gekomen:
De straf, die ons den vrede toe doet stroomen,
Die naamt gij aan.

4 ’t Is heil, wat uw verbrijzling ons verkondt;
Uw striemen zijn genezing onzer wond:
Wij dwaalden als verloren schapen rond,
Op eigen paden;
De Heer heeft u met onzen last beladen;
Gij hebt geboet;
Niet gij, slechts wij zijn schuldig;
Maar gij, gij stort gewillig en geduldig
Uw dierbaar bloed.

5 Gelijk een lam, dat stil ter slachtbank gaat,
Gelijk een schaap zich zwijgend scheren laat,
Zoo deedt ge uw mond niet open onder ’t kwaad,
U overkomen.
God heeft u uit het oordeel weggenomen,
Als ge elke toog
Zijns bekers hadt gedronken,
En ’t zondig volk gerechtigheid geschonken,
In ’s Heeren oog.

6 Toen was ’t volbracht! Volbracht voor zondaars, Heer,
Gij buigt het hoofd tot uwe ruste neer;
Geen oneer treft uw heilig lichaam meer,
Geen smaad der boozen;
En schoon m’ uw graf gesteld heeft bij godloozen,
God wreekt uw recht:
De liefde en eerbied dragen
Uw lijk van ’t kruis, en schreiende oogen zagen
Het weggelegd.

7 O Heiland, dus gefolterd voor mijn kwaad!
O Heilige, om mijn schande dus gesmaad!
Wat spruit er uit uw graf een heerlijk zaad
Van eeuwig leven!
Hoe veler ziel werd u van God gegeven
Voor de eeuwigheid,
Om de eeuwige eer te deelen,
U, die u tot een offer gaaft voor velen,
Bij Hem bereid!

8 ’t Verloste volk verheft tot u zijn hart,
Rechtvaardige, die zonde voor hen werd!
Het zegen al uw wonden, smaad en smart!
Gij hebt geleden
Voor snooden; gij voor vijanden gebeden.
Gij hebt gesmacht,
Moest Gods nabijheid derven,
Hun ziel ten troost in leven en in sterven;
Het is volbracht.

1 Wie heeft op aard de prediking gehoord,
De prediking van ’t vleeschgeworden Woord,
Den Christus Gods, op Golgotha vermoord?
Wie durft gelooven?
Wie ziet in Hem Gods reddend’ arm van boven
Tot ons gestrekt? Wie durft zijn kruis belijden?
Wiens hart zich in den Lijdende verblijden,
Met smaad bedekt?


2 Een rijsje, dat zoo woest een storm bewoog,
Een wortel, uit een aarde dor en droog,
Had geen gedaant’ of schoonheid voor het oog;
Als zij hem zagen,
Zoo had Hij niets dat d’ oogen kon behagen;
Hij was veracht, d’ onwaardigste der menschen!
Wie kon zich Hem tot Zaligmaker wenschen?
Hij was veracht.


3 O Man van smart, dat ieder voor u kniel’!
Gij droegt aldus de krankheid onzer ziel;
’t Was onze smart, die U ten deele viel;
Ons overtreden
Heeft u verwond; om de ongeregtigheden,
Door ons begaan, zijt G’ in dit leed gekomen:
De tucht, die ons den vrede toe doet stroomen,
Die naamt Gij aan!


4 ’t Is heil, wat uw verbrijzeling verkondt;
Uw striemen zijn genezing onzer wond;
Wij dwaalden als verloren schapen rond,
Op eigen paden;
De Heer heeft u met onzen last beladen;
Gij hebt geboet; niet Gij, slechts wij zijn schuldig,
Maar Gij, Gij stort, gewillig en geduldig
Uw dierbaar bloed.


5 Gelijk een lam, dat stil ter slagtbank gaat,
Gelijk een schaap zich zwijgend scheren laat,
Zoo deedt G’ uw mond niet open onder ’t kwaad,
U overkomen.
God heeft u uit het oordeel weggenomen,
Toen G’ elke teug des bekers hadt gedronken,
En ’t zondig volk geregtigheid geschonken,
In ’s Heeren oog.


6 Toen was ’t volbragt, volbragt voor zondaars, Heer!
Gij boogt het hoofd tot uwe ruste neêr;
Geen oneer trof uw heilig ligchaam meer,
Geen smaad der boozen.
En schoon uw graf gesteld was bij godloozen,
God wreekt’ uw regt: de liefd’ en d’ eerbied dragen
Uw lijk van ’t kruis, en schreijend’ oogen zagen
U weggelegd.


7 O, Heiland! dus gefolterd door mijn kwaad,
O, Heilig’! om mijn schande dus gesmaad,
Wat spruit er uit uw graf een heerlijk zaad
Van eeuwig leven.
Hoe veler ziel heeft U uw God gegeven
Voor d’ eeuwigheid, om d’ eeuwig’ eer te deelen,
U, die U tot een offer gaaft voor velen,
Bij Hem bereid.


8 ’t Verloste volk verheft tot U zijn hart,
Regtvaardige, die zonde voor hen werdt;
Het zegen al uw wonden, smaad en smart;
Gij hebt geleden
Voor snooden; Gij voor vijanden gebeden;
Gij hebt gesmacht, moest Gods nabijheid derven,
Hun ziel tot troost, in leven en in sterven;
Het is volbragt!.

Origineel uit: Dichtwerken van Nicolaas Beets, 1830-1873. Volledige uitgave, naar tijdsorde gerangschikt en herzien, Tweede Deel, Amsterdam: W.H. Kirberger, 1878, p. 326-328.

Ontstaan

Inhoud

Nicolaas Beets heeft in de acht strofen van dit lied Jesaja 53 op de voet gevolgd:

  • 1. Wie heeft op aard de prediking gehoord (Jesaja 53:1)
  • 2. Een rijsje dat zo woest een storm bewoog (Jes. 53: 2 en 3)
  • 3. O Man van Smart, dat ieder voor U kniel (Jes. 53: 4)
  • 4. 't Is heil, wat uw verbrijzling ons verkondt (Jes. 53: 5 en 6)
  • 5. Gelijk een lam, dat stil ter slachtbank gaat (Jes. 53: 7 en 8a)
  • 6. Toen was 't volbracht, volbracht voor zondaars, Heer! (Jes. 53: 8b en 9)
  • 7. O Heiland, dus gefolterd voor mijn kwaad (Jes. 53: 10 en 11)
  • 8. 't Verloste volk verheft U tot zijn hart (Jes. 53: 12).

Muziek

De melodie van Bastiaans is voor deze liedtekst geschreven, maar omdat hij, vanwege een ruzie met de synodale commissie, de originele teksten niet meer mocht gebruiken, is ze in zijn koraalboek gepubliceerd bij het lied Ach, als een bloem, die snel verbloeit op 't graf van J.J. van Maas.

Muziekuitgaven

Zie het artikel Zie Wie heeft op aard de prediking gehoord (melodie) voor een overzicht van alle (orgel)literatuur en koorbewerkingen van deze melodie.

Hymnologische informatie

De in 1854 uitgekomen proefbundel van het Gezangboek van de Hersteld Ev. Luth. gemeenten heeft dit lied gepubliceerd op de melodie van de Geneefse Psalm 22 (melodie).
De Hervormde Bundel 1938 volgt de tekst van de Vervolgbundel. Het Liedboek voor de kerken keert in een aantal gevallen terug naar het origineel.

Culturele informatie

Literatuur

Externe links